Verlengde minderjarigheid

Als iemand om mentale redenen geen eigen daden kan stellen, kan de rechtbank van eerste aanleg een verlengde minderjarigheid uitspreken. Dit is een beschermingsmaatregel waardoor deze persoon voor de wetgever minderjarig blijft.

Wanneer een persoon een aangeboren verstandelijke handicap heeft, kan het statuut van verlengde minderjarigheid worden aangevraagd. De verlengde minderjarigheid bevestigt op juridische wijze dat iemand jonger is dan vijftien jaar, zowel voor wat betreft het beheer van zijn goederen als wat betreft zijn persoon.

De verlengde minderjarige blijft onder het gezag van zijn ouders zolang die leven, en onder een voogd aangesteld door de vrederechter van de woonplaats van de minderjarige, ingeval de ouders overlijden. Daden van beschikking en andere ingrijpende daden (bijvoorbeeld aankoop woning, schenking aanvaarden,...) kunnen door de ouders enkel met uitdrukkelijke toestemming van de vrederechter.

De verlengde minderjarige moet minimum vijftien jaar zijn. Er is geen maximumleeftijd.

De staat van verlengde minderjarigheid geldt voor onbepaalde duur.

Hoe?

De rechtbank van eerste aanleg beslist wie het ouderlijk gezag uitoefent of wie voogd wordt. Deze persoon deelt de beslissing mee aan de bevoegde vrederechter en aan de burgemeester van de gemeente waar de 'minderjarige' woont.

Nadat de gegevens zijn ingevoerd in het bevolkingsregister, nodigt de gemeente de verlengde minderjarige uit. Daar krijgt de minderjarige een nieuwe elektronische identiteitskaart met een vermelding van verlengde minderjarigheid.